Zenuwepijn

Zenuwenpijn is met recht en plat uitgedrukt een zenuwepijn. De ‘pijnstillers’ die ik er tegen slik zijn een combinatie van antidepressiva en lyrica (amitriptyline en pregabaline). De bijwerkingen zijn daarvan zo heftig dat ik mij ten einde raad maar naar de pijnpoli heb laten verwijzen. Aldaar werd ik gelukkig goed en geduldig ontvangen. Een intakegesprek van maar liefst anderhalf uur. Ik kon het amper aan.
Tijdens het gesprek werd ook nog eens naar de oorzaak gekeken. Er zijn een aantal vormen/oorzaken van polyneuropathie bekend (o.a. suikerziekte). Ik val onder de ‘critical illness polyneuropathie’. Hierover is weinig bekend (wat gebeurt er nou precies met je zenuwen als je daar op die IC met je delier ligt te pruttelen?), maar o.a. door het hoge aantal coronapatiënten dat op de IC heeft gelegen (ligt) verwachten de pijnpoli’s de komende jaren een hoge instroom. Het heeft bij mij ook zes jaar geduurd voor ik aanklopte.
De dingen die uit hun trukendoos gehaald worden zijn o.a. pepperspray, oh nee, peperzalf. Ik mag daar gelijk mee beginnen. De capsaïcine, hoofdbestanddeel van die peperzalf veroorzaakt prikkels, die op hun beurt de zenuwprikkels min of meer lam leggen. Niet met blote handen aanbrengen dus 🙂 .  Volgende afspraak is een TENS apparaat (Transcutane Elektrische Nervus Stimulatie). Dit moet de pijnsignalen naar de hersens blokkeren en het lichaam aanzetten tot het produceren van pijnstillende stoffen. Zie filmpje. Als dat niks is dan mag ik in het ziekenhuis lekker trippen op ketamine (een medicijn dat de overgevoeligheid van het centraal zenuwstelsel onderdrukt. De ketamine wordt met een infuus direct in het bloed toegediend. De toediening duurt 24, 48 of 96 uur.). Vanwege de mogelijk hallucinante bijwerkingen van ketamine (verboden partydrug) gebeurt dit in het ziekenhuis.
Tenslotte zou geprobeerd kunnen worden om medicatie eens in de zoveel tijd per injectie toe te dienen. Hiervoor heb ik een oriënterend gesprek met een anesthesioloog in oktober.
Kortom, dit was update twee. Ik hou jullie op de hoogte.

Vier weken delier: van Antwerpse Zoo naar de ferry AMC – Almere vv. (3 van 4)

Vlak na de operatie.

Vlak na de operatie. Ik weet er gelukkig niets van af.

Op 31 mei 2015 ging het licht uit en begon mijn lange delier. Van het moment zelf, of de nacht ervoor, heb ik geen weet. Van horen zeggen weet ik dat de benen het het eerst begeven als er geen goede doorbloeding meer is. Zal wel. Ik had volgens mijn vrouw een strip Nerufen in mijn hand. Ik zal dus pijn hebben gehad. Het mòet in ieder geval een stevige knal zijn geweest – met mijn hoofd op de rand van de badkuip.
Met veel herrie. Godzijdank.

 

Lees verder

Aortadissectie en vijf weken weg… (2 van 4)

Een dag als vele andere.

Zaterdag 30 mei 2015 was een zaterdag zoals vele anderen. Boodschappen doen. Schoenen gekocht. Maanden later hoorde ik dat we soep hadden gegeten die we van onze lieve buurvrouw hadden gekregen. Achteraf zei ze dat ze zo bang was dat het daardoor gekomen was. Ach gut :). ’s Avonds niks gedaan. Want moe. We hadden een zware periode achter de rug. In januari werd mijn moeder in Rotterdam ziek. Twee maanden lang ’s avonds na het werk met de trein op en neer tussen Almere en Rotterdam gereisd. Toen duidelijk werd dat ze zou overlijden een paar weekjes zorgverlof opgenomen. Vlak nadat mijn moeder was overleden werd mijn schoonmoeder ziek. Ze overleed begin mei. Nee, dat was niet de fijnste periode. Dus bijtijds naar bed.

Lees verder