PTSS, ofwel Post Traumatische Stress Stoornis, is een stoornis waarbij traumatische ervaringen ongewild, op diverse manieren of momenten, weer worden opgeroepen. Klachten die bij PTSS vaak voorkomen zijn:
- nachtmerries
- slaapproblemen
- last van prikkelbaarheid
- soms last van woede-uitbarstingen
- op de hoede zijn, altijd waakzaam zijn
- concentratieproblemen
- schrikachtig zijn
- vermijdingsgedrag
(Bron)
Vandaag wil ik dieper ingaan op de psychische gevolgen van mijn aortadissectie in 2015. Mijn naaste omgeving is het opgevallen dat ik momenteel nogal depressief ben.
Allereerst terug naar 2015. Behalve dat mijn lichaam volledig in de vernieling lag, verkeerde ik ook vier weken lang in een staat van delier. Daar is veel over te vinden op het internet. Behalve over hoe een delier aanvoelt bij een normale volwassene. Meestal gaat het over bejaarden. Het lijkt of de betreffende personen ineens dement zijn geworden. Als gezond mens kun je je niet voorstellen dat iemand zich niets kan herinneren van het recente verleden en dingen uit het verre verleden verhaspelt. Niet beseffen dat de partner al twintig jaar dood is, bijvoorbeeld. Ik kon me toen niet voorstellen dat het echt was bij mijn moeder, toen zij een delier had. Nu weet ik dat dat wel degelijk het geval was.
In het ziekenhuis wist ik niets van de wereld om mij heen. Ik had geen rationele gedachten. Ik herinner mij beelden van een paar waanzinnige dromen. Ik had een sleepbootje in de Rotterdamse haven. Ik kwam in restaurants in vreemde gebouwen. Het eten was als vergif. Ik werd ter dood veroordeeld door vrouwen die mij in brand staken (iets met CT-scans?). Meestal angstige hallucinaties dus. Al met al heel weinig beelden om vier weken van je leven mee te vullen.
Op twee korte momenten gedurende die vier weken was ik echter volledig met de echte wereld verbonden en kan ik mij die beelden en de gesproken woorden perfect herinneren.
Een groot licht floept aan. Ik lig eronder en zie een chirurg in blauw pak. Hij spreekt. Zijn stem is hol en ver weg. “Goedendag. Wij hebben zojuist een geslaagde openhartoperatie op u uitgevoerd in het AMC te Amsterdam”. Licht uit. Ik kon beide keren een paar seconden doordenken. Gedachtes die ik mij herinner.
De eerste keer was er paniek. Wat is hier in godsnaam aan de hand? Het kan niet, maar het lijkt toch wel echt. Jezus, wat een kutnachtmerrie!
De tweede keer (drie weken na de eerste) kon ik iets langer doordenken. Er was volslagen paniek. Als dit echt is, wat is het dan? Is er een terroristische aanslag geweest? Een natuurramp? Het lijkt op die vorige keer. Twee keer openhartoperatie? Ga toch weg! Kan niet! Ik ben gezond! Ik ben dus dood en in de hel terechtgekomen! Maar waarom???? Dat laatste was een zeer realistische gedachte.
Het was zoals ik hierboven beschrijf. Traumatisch. Toen ik na vier weken ontwaakte en Halja mij vertelde wat er gebeurd was – ook al kon zij niet geloven dat ik dat niet wist, ik leek immers bij kennis – er waren twee openhartoperaties geweest. Er was ‘iets’ met mijn aorta gebeurd.
Al in het najaar van 2016 kreeg ik te maken met zware depressies. Ik had het moeilijk met mijn stagnerende vooruitgang. Het dagelijks leven was een fysieke en mentale strijd die me heel veel kostte. Uiteindelijk leidde die ertoe dat ik een interview had in een GGZ instelling. Had ik wellicht een PTSS? Volgens de psychiater waarschijnlijk niet. Men kon zich voorstellen dat mijn leven moeilijk was. En ik kon het gebeurde wel accepteren. Kon en kan er makkelijk over praten. En schrijven dus. Ik had en heb de meeste moeite met mijn krakkemikkige lichaam en het niet optimaal functionerende brein. Maar bleef voorzichtig geloven dat het wel goed zou komen.
Begin 2017 had ik een gesprek met een chirurg in het AMC. Ik vertelde hem van mijn moeizame herstel. Zijn antwoord was kort en helder: meneer, u bent 59. Die spieren komen echt niet meer terug bij u. U mag een beetje wandelen en fietsen, voor de rest mag er geen grote druk op dat lichaam en hart worden uitgeoefend. Het is al een wonder dat u werkt.
Ik heb nog een maand doorgeworsteld op mijn werk. In april ben ik geknakt. Alles wat ik heb inzetten op werken en privéleven verwaarlozen tot het pensioen daar is? En wat zou ik dan nog kunnen voor mezelf? Ben ik er dan nog wel?
Aanvankelijk knapte ik op. Minder depressies. De gedachte dat ik de inspanningen alleen nog maar voor m’n vrouw en mezelf hoefde te doen was fijn.
Maar dan blijkt je bedrijfsarts een leeghoofd te zijn en komt het UWV en wordt het leven helemaal een hel. Wat nou verzekering voor arbeidsongeschiktheid?
Van bovengenoemde PTSS symptomen heb ik er zeker zes van de acht in enige mate. PTSS dus? Ik weet het niet. Nee, mijn lichaam functioneert niet en mijn geest functioneert matig. Gevolg van de dissectie. Depressie komt vooral door de onzekerheid over mijn toekomst. Kan ik nog gelukkig worden in dit lijf? Hoe gaat dat aflopen met het UWV?
Ik weet het niet.